Auteur Theo van Stuijvenberg n.a.v. het afstudeeronderzoek ‘De beleving van Nederlandse preken van migranten in christelijke gemeente De Wegwijzer’

Nederlandse en migrantenchristenen over de preek 
Voor de meeste oerhollandse christenen is het gebruikelijk om de gehoorde preek te beoordelen met opmerkingen als ‘mooie preek’, ‘fijne preek’ of door minder positief ‘saaie preek’  of ‘weinig enthousiasmerende preek’. Ik kan dit aanvullen met talloze andere korte of langere frasen. Zo niet, tenminste zo lijkt dat op het eerste gezicht, hebben migrantenchristenen er behoefte aan om zich ‘luid’ en duidelijk te uiten over een gehoorde preek. 

Nederlanders assertief, migranten niet(?) 
De meeste Nederlanders (en ook kerkgangers) zijn intussen gevormd door een cultuur waarin opkomen voor jezelf en duidelijk je mening verwoorden erg gewaardeerd wordt. We zijn een communicatieve samenleving geworden.  

Om de sfeer of / en de Heer en feedback 
Migranten in de kerk houden van een goede sfeer tijdens de dienst. Ze zoeken warmte en geborgenheid tijdens de dienst, maar ook ervoor of erna. Ze zoeken ‘sfeer bij de Heer’. Het is tamelijk zwart-wit gesteld, maar de verschillen tussen Nederlanders van geboorte en niet-Nederlanders van geboorte zijn in de praktijk te merken. Migranten maken het voorgangers niet lastig met kritische opmerkingen over de preek. Als ze het echt niets vinden, blijven ze gewoon weg. Ik vind het  jammer dat ze in dezen zo bescheiden zijn, omdat ze vaak scherp zien en zij kunnen ons een spiegel voorhouden. Enthousiaste voordrachten die rechtstreeks op de harten zijn gericht, worden erg gewaardeerd 

Een Bijbels voorbeeld van feedback 
In Handelingen 18:26 (HSV) staat: “En deze (is Apollos) begon vrijmoedig te spreken in de synagoge. En toen Aquila en Priscilla hem gehoord hadden, namen zijn hem apart (..) en legden hem de weg van God nauwkeuriger uit”. Ik kan mij levendig voorstellen dat een voorganger – zelf van migrantenafkomst of niet – het bijzonder vindt als zijn gehoor uit internationaal publiek bestaat. Maar voorgangers moeten er wel op uit zijn om feedback van alle hoorders te krijgen, ook als dezen daar op het eerste gezoicht geen behoefte aan lijken te hebben. Prediking dient immers en voortdurend afgestemd te worden op alle gemeenteleden. Als een specifiek deel niet van zich laat horen en dus geen stem heeft, zou er scheefgroei kunnen ontstaan.  

Een pittige uitdaging? 
Ik besef dat het een pittige uitdaging is voor een christelijke multiculturele gemeente om het gedrag en de houding van Aquila en Priscilla ten opzichte van Apollos na te volgen. Dat vergt een community waarin het mogelijk is om je kwetsbaar op te stellen. Dat hoeft het gezag van Gods Woord absoluut niet in de weg te staan. De Geest doet immers wat Hij wil. Een gevoel van westerse superioriteit ligt immers zo op de loer.  

Beginnen bij mijzelf 
Laat ik zelf beginnen door bij gelegenheid mijn migrantenbroeders en -zusters te vragen welke gedachten ze hebben bij het tekstgedeelte van (mijn) preken en of ze er een duidelijke boodschap uit hebben gehaald. Zo help ik (Bijbelse!) mondigheid te bevorderen en mijn preken worden er beter van. Dat wij onze hoorders op humorvolle wijze af en toe ‘te prikkelen’ kan geen kwaad. Los van de vraag of migranten zich gedwongen moeten voelen even mondig te zijn als niet-migranten blijft het een opgave voor voorgangers dat ze zich verdiepen in het denken en leven van alle hoorders. Pastoraat en prediking kunnen hier op elkaar inwerken en vullen elkaar aan.  

En wie weet heeft het ook nogeens een positieve uitwerking op de integratie in een complexe samenleving als de Nederlandse.  


Vragen en reacties zijn zeer welkom in de comments of naar thvanstuijvenberg.tvs@gmail.com 

Reageren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *