Storyrooms brengen de Bijbel dichtbij

Auteur: Jorn den Hertog n.a.v. zijn afstudeeronderzoek “Storyrooms brengen de Bijbel  Jorn den Hertogdichtbij”

Een innovatief product van jeugdwerkersorganisatie Young&Holy richt zicht op jongeren vanaf 14 jaar. Door middel van de nieuwste Virtual Reality-technologie staat de deelnemer middenin een Bijbelverhaal. Hoe reageert een jongere op de levensvragen die op hem/haar af komen? Vanaf oktober 2018 zijn de Storyrooms ‘live’ en open voor het grote publiek!

Het onderzoek dat ik heb uitgevoerd om de GL-kopopleiding af te sluiten gaat over de rol die de Storyrooms kunnen spelen in de zoektocht van middelbare scholen naar relevant Bijbelonderwijs. De initiatiefnemers hebben vanuit de literatuur en een praktijkonderzoek een aantal adviezen gekregen om goed aan te sluiten bij de context van een school.

Vanuit de literatuurstudie en het praktijkonderzoek zijn er vijf criteria voor relevant Bijbelonderwijs geformuleerd. Het gebruik van de Bijbel is op een middelbare school Relevant Bijbelonderwijs als…: 1. het hand in hand gaat met de christelijke visie van de school. 2. het zorgvuldig en gepast wordt geïntroduceerd bij de leerlingen. 3. de Bijbel(verhalen) dichtbij de leefwereld van de jongere wordt gebracht. 4.er rekening wordt gehouden met (culturele en godsdienstige) diversiteit en 5. de Bijbel op respectvolle wijze in verbinding wordt gebracht met de traditie.

Om te zien of de Storyrooms een bijdrage kunnen leveren aan de zoektocht naar relevant Bijbelonderwijs, zijn de opgestelde criteria tegenover de Storyrooms gezet. Hieruit is geconcludeerd dat de Storyrooms in grote lijnen voldoet aan deze criteria.

De hoofdvraag van het afstudeeronderzoek was: Op welke wijze kan het concept Story Rooms het best aansluiten bij de verlangens en behoeften van middelbare scholen naar relevant Bijbelonderwijs?, dus om ‘het best’ aan te sluiten, waren er nog een aantal adviezen opgesteld voor de initiatiefnemers.
Deze adviezen zijn: 1. Neem tijd om aansluiting te vinden bij de school. 2. Maak de Storyrooms zo duidelijk mogelijk. 3. Denk na over een vervolgtraject. 4. Bied de Storyrooms aan op een goedbereikbare plek. En: 5. Wees duidelijk en op tijd over prijsafspraken en randvoorwaarden. De behind the scenes-experience voor docenten (die live mee kunnen kijken in de Storyrooms waar de leerlingen zitten) is erg positief ontvangen en alle geïnterviewde docenten zien de meerwaarde hiervan in.

De Storyrooms kunnen goed aansluiten bij de zoektocht van middelbare scholen naar relevant Bijbelonderwijs. Het vak Godsdienst/Levensbeschouwing kan een mooie, vernieuwende rol krijgen op school, met hulp van de Storyrooms. Er liggen prachtige kansen klaar om de Storyrooms ook op school een succes te laten zijn!

Voor meer informatie over dit onderzoek of Storyrooms, mail: jorndenhertog@gmail.com

 

 

Geplaatst in Geen categorie | Getagged | Een reactie plaatsen

Godsdienst en formatief toetsen: wat, waartoe, hoe vaak en hoe toets je?

Auteurs: Dick Brandhorst en Ruben Baan n.a.v. hun afstudeeronderzoek “Godsdienst en   Ruben Baan Dick Brandhorstformatief toetsen: wat, waartoe, hoe vaak en hoe toets je?”

Cijfers geven werkt niet; volg de leerling.

Op de Jacobus Fruytier Scholengemeenschap (JSFG) wordt aan onderwijsvernieuwing gedaan: de school wil af van 50 minuten met één docent in één ruimte. Maar hoe? Een van de speerpunten is: formatief toetsen. Toetsen, niet (alleen) om een label te plakken op het eindresultaat van een leerling, maar om elke individuele leerling te volgen en hem/haar te bieden wat nog ontbreekt in zijn/haar leerproces.

Formatief toetsen: wat het is en praktijkvoorbeelden.

Formatief toetsen is, zoals ook bleek tijdens ons onderzoek, een begrip waar verschillende betekenissen aan gekoppeld worden. Wij gebruiken deze oude (1998) maar bruikbare definitie:
‘Alle activiteiten die ondernomen worden door onderwijzers en/of hun leerlingen die informatie verschaffen die gebruikt kan worden als feedback om de onderwijs- en leeractiviteiten waar ze mee bezig zijn aan te passen.’
Dit kan een vraag tijdens de les aan een leerling zijn. Of een Kahoot! quiz waarna de hoogst scorende groep zelfstandig aan de slag mag. Of, zoals een wiskunde docent op de JSFG al een tijdje doet, de leerlingen het antwoord van een som laten opschrijven op mini-whiteboards, waarna de groep die de stof snapt verder mag en de rest verlengde instructie krijgt.

En godsdienst dan?

Leuk, die wiskundige sommen, maar hoe zit dat met godsdienst? Op de reformatorische JFSG ligt de nadruk op Jezus volgen en Bijbelkennis. Ook Bijbelkennis zou met mini-whiteboards of Kahoot! nog wel formatief te toetsen zijn. Maar Jezus volgen? Relatie met God? Meningen vormen over moeilijke onderwerpen? Aan ons de opdracht om uit te zoeken hoe dit gestalte zou kunnen krijgen, zodat ook het vak godsdienst meegroeit met de vernieuwde onderwijs-trend van de JFSG.

Hoe pak je dat aan?

Naast literatuuronderzoek hebben we interviews afgenomen. We hebben de betrokken docenten (godsdienstdocenten van de drie vestigingen van de JFSG) geïnterviewd, en gevraagd naar hun visie op toetsen, formatief toetsen, en het doel van het vak godsdienst. Ook beleidsmakers en een externe docent (die onderzoek deed naar formatief toetsen binnen het vak levensbeschouwing) zijn geïnterviewd. Naar aanleiding van die gegevens hebben we zelf een eerste poging gedaan tot formatief toetsen bij het vak godsdienst op de JFSG.

Resultaten en conclusie.

Het blijkt uitzonderlijk moeilijk te zijn om vorming te toetsen, formatief of summatief. Onze eerste poging tot het toetsen van vorming heeft duidelijke gebreken; meer dan bij kennis komt het aan op het begrijpen van de grenzen van wat je leerling kan en wil laten zien. We gebruikten een korte procestoets aan het begin van elke les en een afbeelding met verschillenden ‘plaatsen’ (kerk, veld, stad) aan de hand waarvan de leerling zijn positie en uiteindelijke groei binnen de leerdoelen kon aangeven met een kruisje en dat kruisje vervolgens kon onderbouwen.  Dit resulteerde in een aanvankelijke stijging in de score op de procestoets, die in de tweede helft van het experiment weer iets daalden. De plattegrond met plaatsen bleek vrij ingewikkeld te zijn voor deze klas, en de leerlingen wisten niet zo goed hoe ze er mee om moesten gaan. Leerlingen zijn en blijven erg cijfer-gericht, wat bleek uit sommige opmerkingen over deze formatieve toetsen. Onze conclusie is dat formatieve toetsing ingewikkeld is. Het moet aan veel criteria voldoen (feedback opleveren, leiden tot differentiatie, maatwerk leveren), die ook allemaal moeten passen in de doelstellingen en het karakter van het vak godsdienst. Dit blijkt een ingewikkelde opgave te zijn waar we met ons onderzoek, de interviews en de eerste formatieve toetsing nog geen bevredigende oplossing voor gevonden hebben.

Aanraders?

Wij raden aan dat er verder onderzoek gedaan wordt naar de plaats van formatieve toetsing binnen het vak godsdienst, omdat het een uitzonderlijk complex vraagstuk is met veel variabelen en vraagtekens.

Geplaatst in Geen categorie | Getagged | Een reactie plaatsen

Op onze gezondheid: een alcoholvrije gemeenschap

Auteur Dianne van Dam-Nolen n.a.v. haar  afstudeeronderzoek: “Op onze gezondheid: een alcoholvrije gemeenschap”

Per glas wijn leef je een half uur korter. Zo kwam het dit voorjaar in het Van Dam-Nolen Diannenieuws dat alcohol écht schadelijk is voor je gezondheid. Hoewel dit bericht te kort door de bocht bleek, was de boodschap duidelijk: voor je gezondheid kun je beter dat ene glas bier of glaasje wijn laten staan.

Natuurlijk weten we allemaal dat je met té veel alcohol schade aan je hersenen toebrengt. Maar wist jij ook dat één op de tien gevallen van borstkanker te wijten is aan alcohol? Het is niet gek als je hier even van opschrikt. Ik wist het tot voor kort ook niet. Ik wist zelfs niet dat de Gezondheidsraad adviseert om helemaal niets te drinken. Niets. Geen druppel. Ook als je ouder dan 18 jaar bent.

Een onbekend advies
Uit mijn onderzoek blijkt dat ruim een kwart van de christelijke volwassenen niet van dit advies van de Gezondheidsraad op de hoogte is.[1] Weliswaar liggen de cijfers van alcoholgebruik onder christelijke volwassenen nét iets onder het landelijk gemiddelde, maar dat betekent niet dat christenen zich daarmee beter aan het Gezondheidsraadadvies houden: slechts 14% drinkt nooit. Wanneer we het advies van de Gezondheidsraad breder opvatten, dan drinkt iets meer van de helft geen alcohol of maximaal één glas per dag.

Een stapje verder
Laten we een stapje verder gaan. Hoe zit het nu eigenlijk met alcoholgebruik in de kerk? Dit is niet zomaar een interessante vraag, maar ook een actuele. Enkele jaren geleden heeft een Anglicaanse kerk in Engeland besloten om geen wijn meer aan te bieden tijdens het Heilig Avondmaal. De predikant wilde namelijk niet dat iemand van de gemeenschap zich buitengesloten zou voelen. Ook Nederlandse christenen vinden dit belangrijk: regelmatig lees ik in mijn onderzoek terug dat christenen graag álleen druivensap tijdens het avondmaal zouden willen drinken, om zo tegemoet te komen aan mensen die (liever) geen alcohol (mogen) drinken.

Theologisch doordacht
Druivensap in plaats van wijn: dat kan goed worden onderbouwd vanuit de theologie. In de ecclesiologie wordt onder andere benadrukt dat de kerk geroepen is om zich – in navolging van Christus – uit te reiken naar de marge van de samenleving. In de gemeente van Christus zijn allerlei soorten mensen vertegenwoordigd. Omdat zij allen volwaardige leden zijn, telt ieders mening en ervaring mee. En dan komt een stukje ‘gastvrijheidstheorie’ om de hoek kijken: gastvrijheid houdt niet op bij een hartelijk welkom bij de deur, maar houdt ook in dat we bewust barrières vermijden die gasten belemmeren om te participeren in de dienst en de omgang met God.[2] Uit mijn onderzoek blijkt dat dit wel eens de wijn tijdens het Heilig Avondmaal zou kunnen betreffen.

Een pijnlijk onderscheid
Misschien wel de belangrijkste reden om ons te bezinnen op ons alcoholgebruik in de kerk is dat de kerk geroepen is om een gemeenschap te vormen, een eenheid. Tijdens het Heilig Avondmaal is dit bij uitstek zichtbaar en voelbaar. Het aanbieden van én wijn én druivensap brengt een onderscheid aan onder de avondmaalvierders. Dit kan pijnlijk en confronterend zijn voor gemeenteleden.

Een alcoholvrije gemeenschap

Om deze redenen stel ik dat het aan de essentie en taak van de kerk beantwoordt om te streven naar een alcoholvrije gemeenschap, zeker tijdens het Heilig Avondmaal. Omdat dit wellicht wat abstract in de oren klinkt, tot slot vier concrete tips voor jezelf en voor kerken- en oudstenraden:

Maak dit onderwerp bespreekbaar (tip: gebruik de factsheet hieronder)

  1. Schenk alleen druivensap tijdens het Heilig Avondmaal
  2. Schenk geen alcohol tijdens kerkelijke activiteiten
  3. Lees het hele onderzoeksrapport voor meer onderbouwing en inspiratie

[1] Mijn afstudeeronderzoek bestond uit een deel veldonderzoek middels een vragenlijst, waarop ruime 700 christelijke volwassenen gereageerd hebben, en uit een deel literatuuronderzoek.

[2] Dit beschrijft ook Jan Hendriks in zijn boek ‘Op weg naar de Herberg’ (2002).

Factsheet ‘Alcoholgebruik onder christelijke volwassenen en in kerken’

 

 

 

Geplaatst in Geen categorie | Getagged | Een reactie plaatsen

‘Geloofstwijfel in de godsdienstles’

Auteur: Joan den Besten n.a.v. zijn afstudeeronderzoek “Geloofstwijfel in de    Joan den Besten godsdienstles”.

‘Verzoend met God, maar bestaat Hij eigenlijk wel?’, zo luidde eens de titel van een lezing. Dat leverde mij de vraag op welke rol geloofstwijfel speelt binnen het vak godsdienst op de GSR in Rotterdam. Door middel van een enquête bleek al snel dat een meerderheid van de havo-4- en vwo-5 leerlingen geloofstwijfels heeft. Opvallend daarbij was dat de leerlingen niet veel ruimte ervaren om die geloofstwijfels op school en in de godsdienstles te delen, terwijl ze dat wel graag zouden willen. Het gaf in ieder geval genoeg aanleiding om er verder onderzoek naar te doen.

Wat is geloofstwijfel, eigenlijk? Vanuit de theologische literatuur heb ik daarom eerst uitgewerkt wat kan worden verstaan onder geloofstwijfel en wat mogelijke oorzaken zijn. Daarbij werd duidelijk dat het kan worden onderscheiden in verstands-, wils- en gevoelstwijfel. Ook biedt het onderscheidt in objectieve en subjectieve geloofstwijfel inzicht of het zich richt op de geloofsinhoud en opbaring van God óf de geloofsdaden en de gelovige zelf. Daarbij was het ook interessant om te zien dat geloofstwijfel aan de ene kant uitsluitend als zondig wordt geduid en aan de andere kant als onmisbaar voor het geloof.

Best wel lastig in de godsdienstles… Door diepte-interviews met de godsdienstdocenten te houden werd duidelijk dat het sterk van de godsdienstdocent afhangt op welke manier geloofstwijfel een rol speelt in de godsdienstles. Ook werd duidelijk dat het lastig kan zijn om recht te doen aan de geloofstwijfels en -vragen van de leerling aan de ene kant en het christelijk geloof met de Bijbel aan de andere kant.

Moet ik wel ruimte bieden aan geloofstwijfel? Vanuit de godsdienstpedagogiek stond in het onderzoek dan ook de vraag centraal op welke manier het ruimte bieden aan geloofstwijfel door de godsdienstdocenten kan bijdragen aan hun godsdienstige vorming. In ieder geval is het belangrijk een weg te vinden tussen het idealiseren en veroordelen van geloofstwijfel. Als leerlingen ruimte ontvangen om hun geloofstwijfels te uiten, kan dat schijnheiligheid en innerlijke verwijdering tot het christelijk geloof voorkomen. Hierbij is het belangrijk om samen met de leerlingen te reflecteren op de vraag waar hun geloofstwijfels vandaan komen en hoe ze daarmee om kunnen gaan. Bijbelverhalen kunnen daarbij een belangrijke rol spelen.

Erken geloofstwijfels van je leerlingen! De godsdienstdocenten kunnen identificatiefiguur zijn voor de leerlingen als ze niet alleen getuigen van hun hoop in Christus, maar juist ook open zijn over de eigen geloofstwijfel en hoe ze daarmee omgaan. Een open en veilige relatie tussen de leerling en de docenten en tussen de leerlingen onderling is hierbij van wezenlijk belang. Geloofstwijfel is voor leerlingen vaak een onderdeel van een zoektocht en kan een weg zijn om te groeien naar een eigen of volwassen geloof. Het levert hen dan ook inzicht op over zichzelf, wie en hoe ze zijn, maar ook hoe ze zich verhouden ten opzichte van God en de ander. Door geloofstwijfel te erkennen in de godsdienstles gaat men de vragen die vanuit onze postchristelijke cultuur op ons afkomen ook niet uit de weg. In dit alles kunnen we belijden dat onze drie-enige God in de diepste zin van het woord raad weet met geloofstwijfel.

 

Geplaatst in Geen categorie | Getagged | Een reactie plaatsen

Let’s talk about sex!

Auteurs: Vera Voerman en Christoph Westerkamp n.a.v. hun afstudeeronderzoek: “Let’s talk about sex!” Christoph Westerkamp Vera Voerman

Rode wangen

‘Over seks..’ Ik vond het altijd wel leuk als mensen me vroegen naar ons afstudeeronderwerp. Wisselende reacties. Verbaasde blik. Een enthousiaste: ‘Oh echt, wat goed!’. Of rode wangen. Die heb ik zelf ook wel gehad. Het is voor veel christelijke jongvolwassenen toch best een beladen onderwerp ‘seks vóór het huwelijk’. Misschien gaat het er wel te weinig over. Nouja, eigenlijk durf ik dat wel hard te zeggen: we hebben het als christelijke jongvolwassenen te weinig over seks, en dan vooral in de kerk. Het ideaal, dat kennen we wel, en dat komt ook nog wel ter sprake op de jaarlijkse ‘relaties-en-seks-dienst’. Het zou me niks verbazen als er tijdens zo’n moment door veel jongvolwassenen binnensmonds dingen wordt gefluisterd als: ‘Zo makkelijk is dat nog niet..’, of ‘Wie van mijn leeftijdsgenoten gelooft dit nog?..’, of ‘Wanneer worden we concreet, over het grijze gebied enzo?..’.

In opdracht van de kerk zijn we deze opmerkingen gaan verzamelen. Meer dan dat: gedachten, verhalen, visies, vragen. Dat er een verschuiving in de seksuele moraal is had de oudstenraad namelijk wel door, maar ze bleven zitten met de vraag: ‘Hoe denken ze er dan wél over?’ en ‘Wordt er onder christelijke jongvolwassenen over het algemeen wel echt zo anders gedacht?’.

Boel stemmen

En ja, er wordt binnen de kerk anders gedacht, en verschillend gedacht. We hebben de ‘typische christelijke jongvolwassenen’ voor het overzicht verdeeld in drie groepen. Groep A vindt het ideaal wel mooi, maar de realiteit is zo anders. Resultaat: moeite, schaamte, een kloof tussen het ideaal in de kerk en het eigen leven. Groep B vindt dat seks in het huwelijk thuishoort, maar worstelt veel meer met vragen als: ‘Hoe ga ik om met mijn seksdrive en neiging naar zelfbevrediging?’ of ‘Wat dan over het grijze gebied?’. Dáár zou het is over moeten gaan in de kerk. Groep C vindt het ‘geen seks vóór het huwelijk- ideaal’ helemaal niet zo Bijbels. Of tenminste, niet zoals het in de kerk wordt gezien, want: ‘is voor één iemand kiezen en seks hebben niet gewoon hetzelfde als trouwen..?’. Mogen zij en hun visie ook gehoord worden?

Binnensmonds

Oftewel, een boel stemmen in de kerk. Maar, veel nog ‘binnensmonds’. Samen God zoeken. Betekent dat niet dat je het achterste van je tong kan laten zien? Elkaar bemoedigen en helpen Jezus na te volgen, daar op de plek waar jij nu bent (hoe ánders of moeilijk die realiteit ook)? En dat is ons advies geweest aan de kerk: wees je bewust van de verscheidenheid aan meningen en ervaringen. Verschillende mensen met verschillende behoeften. Biedt ruimte om erover te praten, om eerlijk te zijn.

Binnenkomen

Een kerk, eerlijk en open over seks. Bemoedigend, uitdagend. Daar wil ik wel binnen komen.
Ik zou er bijna aan voorbij gaan.. De kerk, dat zijn wij. Jij. Ik. En dan wordt de vraag: laat ik jou binnenkomen? Met je gedachten, ervaringen, je idealen en je moeiten? En jij mij?

Rode wangen of niet, ik stel voor: let’s talk about sex!

Christoph Westerkamp en Vera Voerman

Het onderzoek is niet openbaar beschikbaar, maar voor meer informatie of vragen kunt u contact opnemen met christophwesterkamp@gmail.com of veravoerman@hotmail.com.

 

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

‘Zorg voor wie langer rouwt’

Auteur: Steven Verhorst n.a.v. zijn afstudeeronderzoek “Zorg voor wie langer rouwt” Steven Verhorst

Schiereiland

Stel je voor: Je bent met je gezin lid van een fijne kerk. Lieve mensen, goede

programma’s en fijne samenkomsten. Dan, zo onverwacht als een goed boek dat

opeens wordt dichtgeslagen, verlies je je partner. Of een ouder. Of een eigen kind.

Het begin

Het beeld van je kerk klopt. De lieve mensen komen van alle kanten. Soep. Kaartjes.

Telefoontjes. Medeleven. Bezoek. Een mooie uitvaartdienst. Lieve troostende

woorden. Je voelt je van alle kanten verbonden. Bijna teveel.

Het vervolg

Na de uitvaart wordt de pijn van het verlies duidelijker. Er zijn mensen die zomaar

langs je heen lopen. Niet met je durven praten. Dat voelt eenzaam! Er zijn er die zelf

verlies kennen, maar nu raar doen. Daar word je boos van. Het beeld van de kerk is

veranderd. Maar sommige mensen, van wie je het eigenlijk niet eens had verwacht,

blijven komen. Ze blijven vragen hoe het gaat. Ze blijven samen herinneringen

ophalen of sturen af en toe een kaartje. Gelukkig maar. Ze blijven. Je bent nog

verbonden.

De golven

Het is een paar jaar verder. De wereld om je heen draait door. Iedereen leeft verder.

Bij jou staat soms nog alles stil. De leiding van je kerk komt niet meer langs. Ze

vragen zo af en toe wel of het goed gaat. Dan zeg je maar ‘ja’. Kwam er maar eens

iemand thuis op de bank zitten om een paar uur te luisteren. De verbinding met de

anderen is heel smal geworden. Je voelt je een schiereiland. De pijn komt als golven.

Soms is het eb, heerlijk eb. En dan word je weer overspoeld. Je gaat weer onderuit.

Je hebt inmiddels wel geleerd sneller op te staan. Meestal.

De merel

Je wilde wel dat er eens iemand kwam. Uit zichzelf. Gewoon even de aandacht.

Begrepen worden. Iemand die nog steeds wil luisteren. Iemand die blijft, ook als het

om je heen zo donker is. Iemand die je vertelt dat er een nieuwe dag komt. Zoals de

merel.

Je zingt al

voor het morgenrood

Ik voel het niet

mijn uitzicht dood

En toch bij wie

het duister tart

Belooft je lied

een nieuwe start

Anoniem

Deze blog is een resultaat van onderzoek naar wat mensen, die onderweg zijn met

groot verlies, zeggen nodig te hebben en verwachten van hun kerkelijke gemeente

en wat ze ontvangen. Vooral na een poosje, wanneer de aandacht afneemt en de pijn

blijft.

Herken je jezelf in de bezoeker die wegblijft? Of in de gemeenteleiding die niet

precies weet wat nodig is en hoe je dat kunt geven? Ben je nieuwsgierig geworden?

Download gratis het afstudeerverslag op www.zijnzorg.nl.

Gorinchem, augustus 2018

Steven Verhorst

 

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Jongeren en preken; Betrokkenheid is verantwoordelijkheid van predikant én jongere

Auteur: Nelleke Plomp n.a.v. haar afstudeeronderzoek: Jongeren en preken,    Nelleke PlompBetrokkenheid is verantwoordelijkheid van predikant én jongere

‘Wanneer denk jij bij een preek: ‘Wauw, dat gaat over mij!’?’, vroeg ik jongeren van de Hervormde Gemeente Sliedrecht. ‘Wanneer denk jíj dat eigenlijk?’, kaatste een meisje de bal terug. Terwijl ik zocht naar de juiste woorden, gingen mijn gedachten terug naar mijn eigen jeugd. Hoe ik opgroeide onder preken van ds. C. Blenk die zich liet verrassen door het Woord en deze verrassingen op open wijze met ons deelde. ‘Ik geef het voor beter’ en ‘daar moet u thuis maar eens over doorpraten’, zei hij dan. De lijnen die hij trok tussen wat hij in de Bijbel las en het heden. Ik leerde dat geloven een ontdekkingstocht is die alles te maken heeft met het leven nu. Niet elke preek was raak, maar met grote regelmaat voelde mijn jongere ik zich betrokken bij de preek. Het zou zomaar kunnen dat in die Delftse kerkbanken het verlangen ontstond dat jongeren tijdens de preek Gods liefdevolle aanwezigheid ervaren en aangespoord worden om Jezus te volgen. Dit verlangen is de basis onder het onderzoek naar betrokkenheid van jongeren bij de preek.

De kerkdienst is een van de weinige plekken waar mensen van alle leeftijden en met diverse achtergronden samenkomen om God en elkaar te ontmoeten. Waar ze samen luisteren naar de Bijbel en zich meestal kunnen laten inspireren door een preek. De combinatie jongeren en preek is echter steeds minder vanzelfsprekend. Ook in Sliedrecht, het dorp waar het onderzoek naar betrokkenheid van jongeren bij de preek zich afspeelt, staat bij de meeste jongeren de kerkdienst niet wekelijks op het programma. Dat geldt ook voor jongeren die volop bij de kerk betrokken zijn en oprecht geloven. Toch geloof ik dat de preek een krachtig middel is waardoor God kan spreken, ook tegen jongeren. Wat zou het mooi zijn als de jongeren die er zijn zich betrokken weten, actief luisteren en vol nieuwe geloofsenergie de kerk verlaten.

Als verbindend specialist vieren bij JOP, Jong Protestant, zoek ik naar wegen tussen theorie en praktijk, verbindingen tussen theologie, wetenschap en de dagelijkse – wekelijkse – praktijk in een gemeente. In dit onderzoek ben ik daarom samen met jongeren, predikant en jeugdleiding uit Sliedrecht op zoek gegaan naar manieren waarop jongeren zich betrokken weten bij de preek. Verrassend was dat ‘een goede preek ervaren’ ook voor jongeren niet alleen als de verantwoordelijkheid van de predikant gezien wordt, maar dat zij voor zichzelf hierin ook een belangrijke taak zien. Het begint met wederzijdse openheid van predikant en jongeren voor elkaar en het Woord. Vanuit deze ontvankelijke basishouding kan gewerkt worden aan een heldere opbouw met herkenbaar taalgebruik en een goede structuur van de preek. Daarnaast zijn raakvlakken met de leefwereld en praktische toepasbaarheid van cruciaal belang.  Een preek moet betekenis kunnen krijgen in het leven van jongeren. In Sliedrecht leverde de aandacht voor de preek en elkaar een mooie beweging op en een lijst met praktische tips. Ogenschijnlijk kleine veranderingen waarachter een vernieuwde manier van denken schuilgaat.

De bevindingen vanuit theorie en praktijk en de ideeën die de Sliedrechtse jongeren, hun jeugdleiding en predikant daarop samen met mij ontwikkelden, zijn interessant en bruikbaar voor alle gemeenten die zoeken naar wegen om jongeren bij de preek te betrekken. Het is mijn verlangen dat dit onderzoek bijdraagt aan betrokken jongeren bij de preek. Aan het gesprek in de gemeenten tussen jeugdouderlingen, predikanten, jeugdleiders en jongeren. Dat zij samen werken aan een klimaat waarin jongeren zeggen: ‘Ik blijf luisteren naar deze preek. Het gaat over mij en heeft betekenis voor mijn leven.’

Meer weten over dit onderzoek? Mailadres: n.plomp@protestantsekerk.nl

Wilt u als predikant met dit onderwerp aan de slag? Kom dan op donderdag 4 oktober naar de studiebijeenkomst in Sliedrecht met o.a. Nelleke Plomp, dr Kees van Ekris en ds. Johan Sparreboom . Meer informatie en aanmelden via https://www.protestantsekerk.nl/actueel/evenementen/studiebijeenkomst-jongeren-en-de-preek

Geplaatst in Geen categorie | Getagged | Een reactie plaatsen

Ik ga trouwen

Auteur: Mark Pasman n.a.v. zijn afstudeeronderzoek “Ik ga trouwen”.  Mark Pasman

Het was eindelijk zover! Onze relatie kwam eindelijk op dat punt waarop we de volgende stap kunnen wagen. Ik ging op mijn knieën voor haar en ze zij: ja! Iedereen mag het weten. We waren zo ongelooflijk blij toen. De laatste tijd merk ik dat ik daar nog vaak aan terug denk. Begrijp me niet verkeerd maar ik ben best gelukkig. Het is alleen niet wat ik er van had verwacht. Nadat we ons eerste jaar samen waren, en de roze wolk vertrokken was, werd het soms best wat lastig. Het blijkt dat aandacht voor elkaar hebben en de tijd nemen voor elkaar soms niet zo goed samen gaan met een drukke baan en een gezin. Toch loop ik er nog wel eens tegenaan dat een huwelijk niet helemaal is wat ik er van verwacht had. Maar dat ontdek ik eigenlijk ook nu pas. Ik weet niet zo goed hoe lang ik dit eigenlijk nog kan volhouden..

Een verhaal wat maar al te vaak voorkomt tegenwoordig. Elkaar niet begrijpen, weinig tijd hebben voor elkaar, niet gezien worden en weinig idee hebben wat het huwelijk nu werkelijk inhoud. We hebben bergen boeken op de plank liggen over getrouwd zijn. Sommige houden een mooi beeld voor en anderen schuiven een harde realiteit in je gezicht. Maar sluit dit wel aan bij de praktijk.

Wat betekend het huwelijk voor jou eigenlijk? Heb je daar wel eens bij stil gestaan? Uit mijn onderzoek bleek namelijk dat heel veel stellen eigenlijk maar wat doen. Ze proberen het huwelijk te overleven en spreken er nauwelijks over met elkaar. Neem jij nog de tijd om stil te staan bij wat je partner werkelijk denkt? Het is goed om daar over na te denken en samen over te praten. Het hoeft niet vaak te zijn, maar het is belangrijk dat je samen de vinger aan de pols houd.

Communicatie is de sleutel. Dat is wel duidelijk voor iedereen tegenwoordig. Het zorgen dat beiden gezien en gehoord worden. Maar ook het man en vrouw zijn is heel belangrijk. Die beiden verschillen nog wel eens in behoeften of in manieren waarop ze elkaar begrijpen. Uit ervaring kan ik zeggen dat ik de plank nog wel eens mis sla. Al ben ik vrij nuchter als man en heb ik de neiging emoties over het hoofd te zien of te bagatelliseren. Ik hoor sommigen al roepen dat ik stereo typen gebruik. Toch blijft het terugkomen dat het de ervaring is van de meeste ondervraagde stellen. Voelt je partner zich eigenlijk wel man of vrouw naast jou? Of heb je hier eigenlijk nog nooit bij stil gestaan misschien?

Het is belangrijk te weten waarom je doet wat je doet en te weten waar je aan begint op dat ene mooie moment waarop je beiden ja zegt. Sta daarom eens stil bij wat het huwelijk betekend, hoe jullie dit beleven en praat daar eens samen over! Je zult niet de eerste zijn die verbaast is hoe prettig het kan zijn om hier samen in verder te groeien!

 

Geplaatst in Geen categorie | Getagged | Een reactie plaatsen

Genezend gebed en de pastoraal werker

Auteur: Reinske Reekers-de Vries n.a.v. haar afstudeeronderzoek. Reinske Reekers

Paulus roept ons op om de nieuwe mens aan te doen, te leven door de Geest en de oude mens af te leggen, het leven vanuit ons oude ik. Maar wat als je zo innerlijk verwond bent geraakt in het leven, dat je dat niet kunt?  

Door pastorale gesprekken die ik voerde tijdens stages kwam ik in aanraking met de gebrokenheid van mensen en kreeg ik het verlangen om me te verdiepen in het gedachtegoed over genezend gebed. Dit is een vorm van charismatisch pastoraat en kan een weg bieden tot genezing van innerlijke gebrokenheid. 

Onderzoek naar genezend gebed 
In kerken komt steeds meer belangstelling voor het werk en de gaven van de heilige Geest, waaronder het bidden voor innerlijke genezing. Dit raakt ook het werkveld van de pastoraal werker, bijvoorbeeld doordat gemeenteleden conferenties bezoeken. De pastoraal werker wordt uitgedaagd om hier adequaat en hoopvol op te anticiperen. Om die reden raakt deze ontwikkeling ook de beroepsidentiteit van de pastoraal werker.  

In nauw overleg met het lectoraat ‘Geloven in context’ heb ik daarom onderzocht op welke manier het onderwijs in de Beroepsspecialisatie Pastoraal werk kan worden verrijkt met het gedachtegoed over genezend gebed. Ik heb me verdiept in de achtergrond en inhoud van genezend gebed en wat een pastoraal werker nodig heeft om met genezend gebed te kunnen werken. Daarnaast heb ik mensen geïnterviewd over hun ervaringen met genezend gebed in hun beroepspraktijk en gekeken naar wat dit betekent voor hun beroepsidentiteit.  

Ik ontdekte hoe het bidden voor innerlijke genezing is ontstaan vanuit de Bijbelse geschiedenis en gericht is op Gods koninkrijk en het nieuwe leven door de Geest.  

In genezend gebed worden iemands verwondingen bij God gebracht zodat Hij ze kan genezen. Uit de interviews bleek dat genezend gebed een onderwerp is dat respondenten persoonlijk raakt en bezighoudt. De manier waarop ze ermee in aanraking zijn gekomen verschilt, maar het ontdekken van genezend gebed heeft zowel impact op hun persoonlijke geloofsleven als op de inhoud en hun manier van werken. Het bidden met mensen en/of het lesgeven over innerlijke genezing maakt een (groot) deel uit van ieders beroepspraktijk. De meerwaarde van genezend gebed wordt onder meer gezien in het mensen helpen door hun blokkades heen te breken en het heel bewust inzetten van de relatie tussen mensen en God.  

Advies
Ik heb in mijn onderzoek geconstateerd dat genezend gebed de beroepsidentiteit van de pastoraal werker kan versterken. Genezend gebed vraagt deels andere bekwaamheden dan nu in de opleiding worden aangeleerd. Mijn advies is om in de opleiding hier meer aandacht aan te besteden. 

 Als je wilt reageren of interesse hebt in mijn onderzoek kun je mailen naar relidv@gmail.com. 

 

Geplaatst in Geen categorie | Getagged | Een reactie plaatsen

Pastoraat in kleine groepen

Auteur: Anny Hutten-Mateboer n.a.v. afstudeeronderzoek naar ‘Pastoraat in de kleine groepen’. Anny Hutten

‘Ik voel mij veilig in mijn kring en kan alles bespreken dat mij bezighoudt.’
‘Persoonlijke zaken deel ik bij voorkeur niet met mijn kring.’
‘Ik deel regelmatig lief en leed met mijn kring.’ ‘Als ik relatieproblemen had, zou ik dat niet met mijn kring delen.’

 Dit zijn zo een paar reacties als je mensen vraagt naar hun ervaringen met het delen van lief en leed in de kleine groepen in de gemeente.
De ervaringen zijn heel verschillend, terwijl na onderzoek blijkt dat iedereen het belangrijk vindt om voor elkaar te zorgen en met elkaar mee te leven in de gemeente van Christus. De oproep van Paulus om ‘elkaars lasten te dragen’, wordt door iedereen bevestigt. De opdracht van Petrus om ‘elkaar lief te hebben’, wordt door iedereen als vanzelfsprekend gezien. Maar hoe gaat het nu echt in de praktijk? Durven we ons persoonlijke leven te delen met een groepje gemeenteleden? Voelen we zo vertrouwd en veilig bij elkaar, dat we elkaars hulp en troost opzoeken?

Onderling pastoraat
Sinds een paar jaar is de gemeente verdeeld in kleine groepen, die regelmatig bij elkaar komen. Het doel was dat de gemeente in kleine groepen beter naar elkaar kon omzien en met elkaar meeleven. Het was nu tijd om eens te onderzoeken hoe het onderling pastoraat nu functioneert in de kleine groepen.

Alles delen?
Na onderzoek blijkt dat mensen wel regelmatig iets delen uit hun leven, maar dat ook veel mensen niet zomaar alles vertellen. Ook al voelen de meeste mensen zich veilig, toch is het moeilijk om van alles te delen. Sommige onderwerpen zullen de meeste mensen nooit delen met hun kleine groep. Maar we zijn toch één lichaam, moeten we niet juist in de gemeente alles kunnen vertellen aan elkaar? We hoeven niet te streven naar een gemeente waarin we alles met elkaar moeten delen. We leven in een gebroken wereld, we zijn allemaal verschillend en we hebben andere dingen meegemaakt in ons leven. Dat heeft allemaal invloed op onze eigen manier van delen en vertrouwen.

Doen!
Moeten we ons dan neerleggen bij de situatie, zoals die nu ervaren wordt? Nee, zeker niet! In mijn onderzoek heb ik de bijbelse gegevens over pastoraat gelegd naast de ervaringen uit de praktijk. Ook in deze gebroken wereld kunnen we in de gemeente groeien in de zorg voor elkaar. Uit mijn onderzoek volgen dan ook aanbevelingen voor de kerkenraad en de kringen. Praktische tips hoe we de zorg voor elkaar kunnen vormgeven, vaardig worden in het voeren van een gesprek, samen groeien in het leven met Christus, zijn allemaal manieren waarop de groep de onderlinge band kan versterken en de onderlinge zorg kan groeien. Samen, bij een open bijbel en met gevouwen handen.

Meer informatie kunt u opvragen via mail bij annyhutten@hotmail.com.

 

Geplaatst in Geen categorie | Getagged | Een reactie plaatsen