Christelijke studentenverenigingen leven in een christelijke biotoop

bubbelAuteur: Frederik Boersema n.a.v. zijn afstudeerscriptie ‘Elkaar steunen in het
dienen van de Here, met name in de studie?’.

Afgelopen zomer heb ik onderzoek gedaan naar de geloofsbeleving van een christelijke studentenvereniging in Nederland. Hier ondertekenen studenten dat ze elkaar willen ondersteunen in het dienen van de Here. Toch blijkt dit in de praktijk tegen te vallen. Studenten weten de theorie, hun geloof, vaak niet goed met de praktijk, hun dagelijks leven, te verbinden. Ze leven als het ware in twee werelden die elkaar zelden overlappen.

Opgroeien in een christelijke zuil

De meeste studenten die bij deze christelijke studentenvereniging zitten zijn christelijk opgevoed. Ze groeiden op in een christelijk milieu en met een beetje mazzel konden ze zelfs naar een christelijke middelbare school van hun eigen denominatie. Door vervolgens lid te worden van een christelijke studentenvereniging hebben ze de mogelijkheid om enkel vrienden te maken binnen de christelijke wereld. Binnen de studie worden voornamelijk inwisselbare niet-christelijke kennissen opgedaan. Zo ontstaat er een afgesloten christelijke biotoop, met haar eigen christelijke taal en gebruiken. Veel van deze christelijke taal en gebruiken zijn voor een buitenstaander één en al hocus pocus pilatus paf. Zo zijn de studenten vervreemd van haar niet-christelijke omgeving.

Het Sinterklaassyndroom

Andrew Page heeft het in dit kader over het sinterklaassyndroom. De studenten leven in een fase,  losgemaakt van hun ouderlijk huis, waarin ze zich afvragen of het geloof ook van henzelf en echt is.. Een deel kiest bewust voor dit geloof, een ander deel stopt ermee en een deel stelt überhaupt geen vragen. Doordat de studenten in een christelijke biotoop functioneren is het vanzelfsprekend (identiteitsbelang).. Hierdoor kan de theorie van het geloof los komen te staan van de praktijk. Uit mijn onderzoek onder 117 studenten van een christelijke studentenvereniging blijkt dat veel studenten het moeilijk vinden om in het dagelijks leven invulling te geven aan het christelijke geloof. Christen zijn wordt enkel beschreven in activiteiten en niet als iets wat vervlochten is met de andere delen van het leven. 48% geeft volmondig aan een relatie met God te hebben, 28% vindt de relatie ingewikkeld en 25% heeft geen relatie met God. Toch geeft 82% van de totale populatie aan zonder twijfel te geloven. Hieruit kun je afleiden dat je door weinig tot geen confrontatie niet wordt  uitgedaagd om je geloof eigen te maken, te verwoorden of te verantwoorden richting andersdenkenden. Met het interne christelijke verhaal kun je wegkomen in deze veilige biotoop, maar is het bestand tegen een postchristelijke buitenwereld die anders is opgevoed?  Waar een christelijke individualistische verlossingstheologie slechts één van de vele manieren is om gelukkig te worden? Ik ben bang van niet.

En nu?

De uitdaging voor christelijke studenten is om niet enkel binnen de christelijke wereld te blijven zitten, maar juist de confrontatie met de wereld aan te gaan en zich te leren verhouden tot andersdenkenden. Daarnaast het navolgen van Jezus gaan zien als een intrinsiek onderdeel van je zijn en niet als losse activiteiten. Op deze manier zullen christelijke studenten als marginale groep in de samenleving bouwen aan Gods koninkrijk in deze wereld.

Deel deze blog

  • Facebook
  • Twitter
  • Delicious
  • LinkedIn
  • StumbleUpon
  • Add to favorites
  • Email
  • RSS
Dit bericht is geplaatst in Afstudeerprojecten, Missionair werk met de tags . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *